Amos 8,12

Lezen: Deuteronomium 30:11-14 en Amos 8:11-14
Het volk zal zwerven van de ene zee naar de andere… om de woorden van de HEER te zoeken, maar ze zullen ze niet vinden. Amos 8:12

Heb jij een bril? Ben je jouw bril wel eens kwijt geweest? Soms lopen mensen overal te zoeken naar hun bril, totdat iemand hen vertelt dat ze hem al op hun neus hebben. Als je dat laatste niet onder ogen wilt zien, dan kun je blijven zoeken, maar vind je hem nooit.
De Israëlieten zullen honger en dorst hebben naar de woorden van de HEER. Ze zullen ze werkelijk overal zoeken zonder ze te vinden. Maar Jezus zegt dat wie zoekt zal vinden. De Bijbel noemt honger naar God een gave van God. Waarom vindt Israël van Amos’ dagen Gods woorden dan niet? Omdat je ook op de verkeerde plek kunt zoeken. De HEER heeft hen voor dat gevaar al gewaarschuwd. In Deuteronomium 30. Gods Woord is heel dichtbij. Maar als je dat afwijst en je gaat overal zoeken, behalve daar waar het is, dan zul je nooit vinden.
Wil jij wel echt de woorden van de HEER horen? Of luister je selectief en sluit je je hart en oren als God te dichtbij komt? Of als Hij iets zegt dat jou slecht uitkomt? Het evangelie is een kracht van God tot redding (Romeinen 1:16). Maar dan moet je Gods Woord, oftewel Jezus, wel willen ontvangen. Drink de Bijbel in. Woon er in. Zo maak je ruimte voor Jezus om te wonen in je hart. Hij wil je leren Gods woorden te doen.

van de Dovenpastor

Uit de regio Gelderland/Flevopolders:

En opeens was alles anders: Een gevaarlijk virus gaat rond. Veel mensen zijn extra kwetsbaar. In verzorgingshuizen is bezoek verboden. Wat de scholen betreft: leerlingen hebben nog wel les, maar niet meer op school zelf. Kerkdiensten zijn afgelast. In elk geval tot de meivakantie. We kunnen niet meer samen in de kerk Goede Vrijdag, Pasen, Hemelvaart en Pinksteren vieren. Veel winkels zijn gesloten. Natuurgebieden zitten op slot.

En u zit thuis. Of op uw kamer in het verzorgingshuis of op zelfstandig wonen. Hoe ervaart u deze tijd?

Ik voel me soms verdrietig. Ik mis het contact van oog tot oog. De gangen van De Gelderhorst en de ontmoetingen elders. Elkaar tegenkomen, even zwaaien of even een praatje maken, en de bezoeken zelf. Of even koffie drinken in het restaurant. Onze grapjes en onze kuren. Gewoon omdat je zo mooi bent zoals je bent.

Ik mis ook het samenkomen in de kerkdiensten. Dovendiensten, gecombineerde diensten. Ook de diensten van de kerk waar ik bij hoor. In Kampen. Op weg naar de supermarkt kom ik langs ons kerkgebouw. In het kerkgebouw is geen mens. Ook op zondag niet. Gelukkig hebben we livestream. We zijn aan elkaar verbonden. Maar het fysieke samenzijn, dat mis ik toch meer dan ik dacht.

Het nieuws volg ik niet meer ieder moment. Er komt zoveel nieuws op me af. En alles gaat zo snel. Gelukkig lijkt het aantal besmettingen langzaam af te nemen. Maar zijn er wel genoeg bedden op de IC? En hoelang gaat dit allemaal duren? Ik denk opeens aan een Bijbelvers. Matteus 6,34: “Maak je geen zorgen over morgen. Bewaar die zorgen maar voor morgen. Je hebt het al moeilijk genoeg met vandaag.”

Hm, dat is waar. Ik zucht een keer diep. Zo’n Bijbelwoord geeft me ruimte. Aan één kant: het aantal IC bedden moet omhoog. Maar de mensen die dat regelen doen ontzettend hun best om meer IC plekken te maken. Mijn zorgen kunnen dat proces niet versnellen of vertragen. En als ik straks misschien een plek op de IC nodig heb, en er is geen plek meer voor mij? Wat dan? Dat is natuurlijk de grootste angst. Maar ook dan zal God er zijn en voor me zorgen. Bij Hem ben ik toch veilig dwars door alles heen? “De Heer beschermt je, overal, waar je ook gaat, tot in eeuwigheid!”

En buiten bloeit de kievitsbloem. De blauwe druifjes zijn als ik dit stukje schrijf op hun mooist. Gele viooltjes geven de border kleur. De knoppen van de krentenboompjes barsten bijna open. En (ik kweek vlinders): het eerste oranjetipje is net uitgekomen. De seizoenen gaan door. Totdat Jezus komt.

Kees Smit
30 maart 2020